Schijnzelfstandigheid ZZP’ers

De Belastingdienst gaat volgend jaar per 1 januari 2025, weer handhaven op schijnzelfstandigheid. Werkgevers die schijnzelfstandigen inzetten, krijgen mogelijk te maken met claims van zzp’ers of pensioenfondsen. Vanaf 1 januari 2025 gaat de Belastingdienst, na een lange pauze vanwege gesteggel over de nieuwe zzp-wet, weer straffen uitdelen bij oneigenlijke zzp-constructies. Deze handhaving op ‘nep-zzp’ers’ zal bedrijven mogelijk op kosten jagen, omdat de herkwalificatie van zzp’ers als werknemers kan leiden tot terugvorderingen van belastingen, premies en rechten, waaronder vakantiedagen, overwerkvergoedingen en pensioenaanspraken. Marktkenners verwachten dat het aantal zzp’ers dat aanspraak maakt op werknemersrechten toeneemt zodra de Belastingdienst weer gaat handhaven op schijnzelfstandigheid. Hoewel de exacte omvang van mogelijke claims onduidelijk is, schatten overheidsbronnen dat ongeveer 200 duizend van de 1,26 miljoen zzp’ers schijnzelfstandigen zijn.

Het is om twee redenen belangrijk om u nu voor te bereiden op deze belangrijke veranderingen.

  1. Allereerst omdat u vanaf 1 januari 2025 geconfronteerd kan worden met naheffingsaanslagen als u een zzp’er inhuurt die feitelijk opereert als een werknemer. De Belastingdienst zal in zo’n situatie aan u als opdrachtgever een naheffingsaanslag loonheffingen (loonbelasting en premies) opleggen, waarbij het factuurbedrag als nettoloon kan worden beschouwd en de basis vormt voor de berekening. Daarbij zijn onder voorwaarden de loonbelasting en premies volksverzekeringen nog wel terug te vorderen, maar premies werknemersverzekeringen niet.
  2. Daarnaast kan de conclusie van het voorbereidende onderzoek zijn dat u vanaf 1 januari 2025 niet meer op de huidige manier kan samenwerken met deze zzp’ers en u een probleem krijgt in de operationele bezetting. U kunt zich voorbereiden door nu in kaart te brengen voor welke werkzaamheden of functies u gebruik maakt van zzp’ers en vervolgens te beoordelen of dit na 1 januari 2025 ook nog kan.

Het kabinet wil niet dat zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) ingehuurd worden, terwijl ze eigenlijk in dienst moeten zijn (schijnzelfstandigheid). Duidelijkere regels helpen om het contract te kiezen dat past bij het werk. En hier beter op te handhaven. De Tweede Kamer en de Eerste Kamer moeten nog over de plannen beslissen.